Anti-cultuurlanschap

Geschreven door

in

Wij zijn boeren. Ons land wordt omringd door de percelen van andere boeren. Die zien we niet zo vaak. Het zijn voornamelijk koeienboeren, hun koeien staan op stal en de boeren telen eten voor de koeien. Dat gaat zo efficient met moderne productiemiddelen dat ze maar heel soms hoeven te komen kijken. Het werk besteden ze vaak uit aan de loonwerker, die de grote, snelle machines heeft. Het zijn vriendelijke mensen, het is jammer dat we ze niet vaker zien. Het is tragisch dat ze zoveel alleen moeten werken. Het is wel lekker veel goedkoop eten.

Vroeger was dat anders. Dat is niet perse beter, maar wel gezelliger. Meer rugpijn, maar ook atletischere lichamen. Toen moest je met z’n tienen het hooi binnen halen (nu alleen, in de GPS-gestuurde trekker), of schoffelen (nu landbouwgif spuiten, alles dood maken, alleen, in de GPS gestuurde trekker).

Zij zijn wel proletariers geworden in hun werk, elke dag in de (voornamelijk melk-) fabriek die het nederlandse landschap is geworden. Helaas zijn ze ook de kapitalisten omdat hun land zoveel waard is, en ze de productiemiddelen zelf bezitten. Dus strijden ze niet tegen, maar met het grootbedrijf, de bank, de bbb, het agri-kapitaal. Ze zijn het grootbedrijf.

Cultuurlandschap. Dat maken wij. Wij zijn namelijk vaak aan het werk, met een grote groep kleine boertjes. We verkopen direct aan mensen die we kennen, waarmee we lachen in het buurthuis. We verdienen best weinig, maar genoeg. De rijken moeten veel betalen, de minder rijken moeten minder betalen. Daardoor kunnen we wat inefficienter zijn. We praten, we zingen liedjes. Om onze tuinderij maken we veel plek voor ander leven, daar praten en zingen de vogeltjes liedjes en verstopt zich een reetje, al is ze niet meer echt bang voor ons. Ja echt waar, het lijkt wel 1500, Marx zou zich omdraaien in zijn graf. Maar toch niet! We doen ook aan politiek, we verhouden ons tot onze plek, het leven om ons heen en verlangen naar een mooiere wereld. We zijn maar half proletariers geworden. Maar we maken wel nieuwe CULTUUR, in het landschap. Voor CULTUUR heb je mensen nodig. Die zijn er nog maar amper op het nederlandse platteland. Tussen 1950 en 2025 is het aantal boeren bedrijven met een factor acht geslonken, zeven van de acht boerderijen bestaan niet meer. En als er nog mensen zijn, zitten die meestal alleen in een zelfrijdende trekker met radio veronica.

Je kunt in het landschap retro-plaatjes maken van nederland hoe het er uit zag in 1500, toen er aardappeleters op het land werkten. Je kunt subsidie voor krijgen om dat met grote machines na te maken. Je kunt dan doen of er nu een Nederlandse Boer bestaat die daar altijd al was, in dat ouderwetse landschap, met die windmolen (niet die moderne) op die klomen, en dan kun je zeggen dat we anders zijn dan “de mensen die hierheen komen” omdat ze met nederlandse f35 vliegtuigen worden gebombardeerd. Ik geloof niet in dat cultuurlandschap van die molen-klompen-mensen (niets tegen een goed paar klompen), die friesland-holsteiner-melk-fabriek-super-koeien mensen, die zeggen dat we beter zijn, dat er geen plek is. Hun cultuurlandschap is het verlangen naar een landschap van vroeger dat niet bestaan heeft. Dat “cultuurlandschap” rijmt mooi met de fascistische verlangens van mensen als wilders en baudet. Maar het vlees in je hollandse maaltijdbox is pools. De asperges met het nederlandse vlaggetje zijn ook door polen of robots geplukt. Die worden uitgebuit in dat zogenaamde cultuurlandschap. Maar we willen wel een CULTUURlandschap waar mensen niet worden uitgebuit, insecten niet worden doodgespoten? Ja, laat robots het werk doen, maar verdeel de winst dan onder de mensen. [CULTUUR LANDSCHAP GESCHREVEN IN HET COOLSTE LETTERTYPE DAT JE JE KUNT VOORSTELLEN]

Wat is dat CULTUURLANDSCHAP? Zeker geen middeleeuws plaatje wat je met moderne machines in stand houd. Mark Fisher stelt de retorisch vraagt: hoelang kan cultuur voortleven zonder vernieuwing? [Caitalist Realism, 2009, p.3] John Berger schijft in het voorwoord van Het Varken Aarde dat het cultuurlandschap van 1500 ook niet iets om naar terug te verlangen als mensen (voor ander leven was de inefficientie weldegelijk prettig), omdat de kleine boer wordt uitgebuit door de machthebbers; “… nobody can reasonably argue for the preservation and maintenance of the traditional peasant way of life. To do so is to argue that peasants should continue to be exploited, and that they should lead lives in which the burden of physical work is often devastating and always opressive. … in a just world such a [peasant] class would no longer exist”.

In het CULTUURLANDSCHAP waar wij naar verlangen maken lachende, zingende boeren genoeg eten voor mensen met zo min mogelijk geweld. Die boeren laten ander leven verder met rust, of ze gaan vriendschappelijke banden met ze aan, als met een geliefde poes. Prima, ze LARPen her en der die veenweide-akker voor de weidevogel. En de mensen die het eten maken hoeven zich geen zorgen te maken over zoiets banaals als gebrek aan geld. Die boertjes worden bovendien geholpen door moderne elektrische machines. O ja, en ze hoeven geen pacht te betalen aan geen landheer.

Als je een paar duizend euro rentevrij aan kapitaloceen leent, kost dat je bijna niets (dat beetje rente bij de bank?), en dan zorgen wij dat dat cultuurlandschap ontstaat, Dat maakt alles uit. Verbeeld je dat potentiele plezier en gelach van die vogeltjes!

Reacties

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *